Commissie Jeugd, Media, Cultuur en Sport: Bijdrage van KidsUnplugged
De volledige hoorzitting kan herbekeken worden op de website van de Commissie.
8 Januari 2026
Geachte Voorzitter,
geachte Commissie leden,
Ik sta hier vandaag als oprichter van KidsUnplugged, maar vooral als ouder.
Als ervaringsdeskundige in het opvoeden van een tiener in deze digitale tijden.
Wij, als ouders, hebben het allemaal geprobeerd.
Praten. Grenzen stellen. De werking van algoritmes uitleggen. Fake news ontkrachten.
Afspraken maken over schermtijd. Geen telefoon in bed. Locatie uit.
Het ging, min of meer, totdat Family Link, de ouderlijke toezicht app, een mail stuurde naar mijn kind, op de dag dat het 13 werd, of het nog steeds het ouderlijk toezicht wilde dat we hadden geïnstalleerd. Met dank aan de Belgische wetgeving, mogen kinderen op die dag zelf kiezen. Het antwoord was ‘neen’. Hoe zou je zelf zijn?
Vanaf dan was het onze overtuigingskracht als ouders tegenover het verslavende design van sociale media.
Heel snel werd het wegleggen van de smartphone een katalysator voor extreem prikkelbaar gedrag. Huiswerk werd verwaarloosd. Leerkrachten speelden kat-en-muis om focus in de klas te houden. De smartphone was altijd aanwezig: korte filmpjes, perfecte lichamen, onbetaalbare merken, influencers die school belachelijk maken en geweld normaliseren, en veel geld beloven zonder inspanning.
Je probeert je kind — slim, grappig, gevoelig — vaardigheden en waarden mee te geven. Je leest boeken voor, in het weekend ga je naar de film of theater, je zet je in voor de sportclub.
Maar zodra de smartphone en dan sociale media in de handen van je kind belanden, moet je opvoeden in de permanente, en erg overtuigende aanwezigheid van tientallen influencers, commerciële spelers en onbekenden die virtueel je huis binnenwandelen. Ze zijn altijd beschikbaar, altijd aantrekkelijker, altijd cooler dan mama en papa.
We dachten een tijdlang dat we gefaald hadden als ouder. Te streng waren geweest. Of net te laks. Of niet consistent genoeg misschien. Tot ik met andere ouders begon te praten. Vier ouders in mijn eigen vriendenkring maakten zelf zware tot zeer zware situaties mee. Ik begon er meer over te lezen. Begon een patroon te ontdekken in de mislopende verhalen, in maatschappelijke fenomenen: het gratuit geweld, mysogenie, en polarisering steeds jonger. Slechtere PISA resultaten bij jongeren, schooluitval, een stijging van anorexie, en ga zo maar door.
En ik besefte: dit is geen individueel falen. Dit is een systeemfout. En ik wilde het niet nog eens riskeren met mijn tweede kind.
Laat me dit concreet maken met enkele stemmen van Vlaamse ouders die ons hebben geschreven sinds de start van KidsUnplugged.
Een ouder schreef:
“Na negen maanden smartphonegebruik is ons vrolijke kind veranderd in een meisje dat zichzelf snijdt, agressief reageert, haar schoolresultaten ziet kelderen en bijna niet meer sport. Ze wordt nu begeleid door een psycholoog. Wij zijn boos. Niet op ons kind, maar op een systeem dat dit toelaat.”
Een andere ouder:
“Mijn dochter werd extreem onzeker over haar uiterlijk een jaar nadat ze de smartphone kreeg. Ze wilde plastische chirurgie zodra het kon, en doofde uit, werd triest en angstig. We zijn in de psychiatrie beland. Nu zegt mijn dochter dat ze het liever verboden had gezien. ”
Dit zijn geen uitzonderingen, maar patronen die we bij tientallen gezinnen zien. Een aantal ervan hebben we verzameld in een document, ik heb een aantal kopieën bij voor wie ze wil lezen.
Dit zijn ouders die mediawijs zijn, die erg betrokken zijn, die geen financiële bezorgdheden hebben of achtergesteld zijn, en die toch structureel werden ondermijnd door producten die ontworpen zijn om zo lang mogelijk aandacht vast te houden.
Hoe veel erger moet het dan zijn, vraag ik me af, als je al deze privileges niet hebt?
Wat doet KidsUnplugged?
Wij ondersteunen ouders om samen de smartphone enkele jaren uit te stellen en zo de sociale druk om er wel één te geven op te vroege leeftijd te doorbreken. Vandaag krijgt een kind een smartphone gemiddeld op 9 jaar en 8 maanden, en ten laatste op 12 jaar.
Waarom focussen we op de smartphone?
Omdat dit toestel het mogelijk maakt dat apps met verslavend design - sociale media apps maar ook online games - kinderen veel te vroeg, overal en onbeperkt bereiken.
Omdat het klein is, mobiel, altijd present, makkelijk verstopbaar en constant beschikbaar.
En omdat je als ouder vanaf dat moment een ongelijke strijd begint tegen de algoritmes.
Wij pleiten vooral voor tijd.
Tijd om kind te zijn.
Tijd om te groeien, en ja, ook te vervelen.
Tijd zonder algoritme. Tijd om cognitieve en emotionele weerbaarheid op te bouwen.
Laat me duidelijk zijn: wij zijn geen technofoben.
We omarmen technologie waar ze ondersteunt: leren, creëren, verbinden.
Maar waar ze emotie berooft, energie uitdooft, focus wegneemt en een kind vervlakt, dan verzetten we ons.
We maken ons grote zorgen over een nieuw normaal waarin minderjarigen worden blootgesteld aan verslavend design, maar ook aan harde porno, goksites, en gratuit geweld — op een leeftijd waarop hun brein nog volop in ontwikkeling is, en zonder dat we als ouder voldoende kunnen ingrijpen.
En terwijl we die impact nog nauwelijks verwerken, staat de volgende golf al klaar: AI-chatbots die tieners naar de mond praten, nudify-apps, en systemen die cognitieve ontwikkeling uitbesteden aan artificiële intelligentie.
Met het kerstakkoord van de Vlaamse Regering ligt er een nieuw Vlaams actieplan op tafel. In dit plan, dat Veilig Online heet, zien we voor het eerst een beweging weg van vrijblijvendheid. Dat is een positief begin.
Essentieel daarbij is de belofte om de bestaande leeftijdsgrens van sociale media strenger te handhaven. Hoewel wij pleiten voor minstens 16 jaar, hopen we dat eindelijk, op zijn minst, de normalisering van sociale media onder de 13 nu stopt.
Dat betekent:
- geen kinderprogramma’s meer die sociale media apps verheerlijken,
- geen TikTok-dansjes meer van populaire zangeressen voor kleuters,
- geen zomerkampen meer die kinderen leren hoe ze Instagram videos moeten maken,
- en geen tips meer om leeftijdsgrenzen te omzeilen.
Eerlijk, het schuurt als het actieplan stelt dat te veel ouders de leeftijdsgrens te vrijblijvend beschouwen. Want jarenlang hadden we een absurde situatie:
een wettelijke leeftijdsgrens van 13 jaar, maar die collectief werd genegeerd door vrijwel alle bestaande instellingen, en de overheid die een oogje dichtkneep.
Met als resultaat: een gemiddelde instapleeftijd in sociale media apps vandaag van 10 jaar en 3 maanden.
Dat mogen we nu, met dit nieuwe Vlaamse Actieplan, eindelijk problematisch en gevaarlijk noemen.
Nog positieve zaken die we lazen in het actieplan:
Ten eerste, echte leeftijdscontrole online, met zorg voor privacy. Bij KidsUnplugged vinden wij beide zaken belangrijk.
Ten tweede, een jaarlijkse evaluatie van mediawijsheid bij de bevolking. Er wordt namelijk veel gerekend op mediawijsheid, maar er zijn weinig systematische gegevens over:
wat ouders weten, niet weten, of zouden moeten weten en vooral, of ze erin slagen om kennis om te zetten in de opvoeding van hun kinderen.
Tot slot wil het actieplan ook de verantwoordelijkheid van telecombedrijven aanspreken - fantastisch. Want zij leveren de infrastructuur en de vehikels van de digitalisering aan: de wifi en mobile data, vaak ook een gamma van telefoons. Ze kunnen structurele tools inbouwen om ouders te helpen. We hebben concrete aanbevelingen daarover staan op onze website.
Maar dan komt de kernvraag: wat met de leeftijdsgrens, wat met de plus 13-jarigen?
Minister Van Achter schreef op haar website over het actieplan: “De verantwoordelijkheid ligt in de eerste plaats bij de platformen zelf. Zij hebben de middelen en de technologie:
aan hen om sociale media veiliger te maken en we zullen daar strikt op toezien.”
En ook: “Wie structureel weigert kinderen te beschermen, verliest het recht op onze markt.”
Dat is een krachtige en terechte uitspraak. Onveilige producten horen niet thuis in een samenleving die haar jeugd ernstig neemt.
Maar hoe maken we dat waar?
Het actieplan verwijst naar de nood aan handhaving van een hele resem bestaande richtlijnen rond verslavend design, oneindig scrollen, geen profilering van minderjarigen, en geen misleidend ontwerp, de constante meldingen enzoverder. Dat klinkt daadkrachtig. Als je niet beter weet, dan denk je - eindelijk gebeurt er iets!
Maar de realiteit is dat Europa dit al járen probeert — zonder succes.
Bestaande richtlijnen van de Digital Service Act, de DSA, zijn niet bindend.
‘Kindvriendelijke’ functies van de bedrijven worden in interne documenten omschreven als marketinginstrumenten, en zijn dus niet bedoeld om echt te beschermen, maar om ouders gerust te stellen.
En ondanks groeiende maatschappelijke druk, verandert er structureel bijna niets.
Zelfs nieuwe wetgeving die verslavend ontwerp moet aanpakken, zoals de aangekondigde Digital Fairness Act, staat nu al onder zware geopolitieke druk vanuit de VS.
Natuurlijk is regulering en handhaving nodig, en wij zullen daar ook blijven voor ijveren. Maar ze is traag, kwetsbaar, en onzeker, en vooral, ze bestaat nog niet.
Is het dan verantwoord om dit als buffer te gebruiken voor de bescherming van onze dertienjarigen?
Sommigen blijven beweren dat er nog niet voldoende bewijs is. Anderen minimaliseren de impact.
Het Vlaams Actieplan stelt dat: “de effecten van schermtijd en sociale media op de fysieke en mentale gezondheid van kinderen en jongeren matig zijn en sterk contextafhankelijk”,
Dit staat ook in de samenvatting van het rapport van de Hoge Gezondheidsraad over schermen, sociale media en jongeren. Nochtans, als je zelf het lijvige rapport leest, dan besluit je toch wel iets helemaal anders. Ook journalisten en opiniemakers waren verbaasd over de tegenstelling tussen de inhoud van het rapport en de aanbevelingen. Ik nodig jullie allemaal uit om zelf het volledige rapport te lezen, voorbij de headlines.
Daags na het rapport van de Hoge Gezondheidsraad, publiceerden de onafhankelijke ziekenfondsen een andere studie; over de mentale gezondheid van 18 tot 34 jarigen, gebaseerd op gegevens van meer dan 2 miljoen leden. Steeds vaker worden zij namelijk arbeidsongeschikt verklaard door psychosociale problemen, 40% van alle gevallen zijn te wijten aan burnout, depressie, stress of angststoornissen, een grote toename sinds 2018.
Dit rapport verwijst wél naar intensief gebruik van schermen, overprikkeling, en vroege toegang tot smartphones en sociale media als één van de oorzaken. Jongeren starten hun carrieres moe, uitgeput en gestressed. Het is niet de enige oorzaak, tuurlijk niet, dat is nooit zo. Geopolitieke instabiliteit, zorgen over het klimaat, sociaal-economische achtergrond dragen ook bij. Maar ze raden wél aan om de toegang tot smartphones en sociale media slechts op latere leeftijd toe te laten. Verstandig advies, vinden wij.
Zij die nóg steeds twijfelen moeten misschien de interne documenten van de sociale media platformen zelf lezen — die recent werden vrijgegeven binnen rechtszaken in de VS. Ze tonen veel van onze stellingen zwart op wit aan.
Ik geef 2 voorbeelden uit die documenten:
Bij 1 van de grote platforms - ik zal de naam niet vernoemen - mocht een zogezegde “digitale balans”-functie maximaal 5% verlies aan schermtijd veroorzaken. Instructies van het ‘growth team’. Meer dan dat was financieel niet aanvaardbaar.
Concreet betekent dat: Bij drie uur gebruik per dag - wat veel minder is dan het gemiddelde gebruik van een jongere vandaag maar toch al als ‘risicovol’ wordt beschouwd, is negen minuten minder scrollen al te veel voor dit platform.
Een ander bedrijf stelt letterlijk in een intern document:
“Tienerbreinen zijn veel gevoeliger voor dopamine, daarom is hun risico op drugsverslaving hoger, en dezelfde dynamiek blijft ze doen scrollen en scrollen.” Een 13-jarige heeft daardoor een hogere commerciële “lifetime value” dan oudere tieners. Dat maakt hen winstgevender. Dit bedrijf schatte een “lifetimevalue” van een 13 jarige hoger dan oudere tieners - niet alleen omdat die langer op het scherm blijft, maar ook meer data verschaft en andere vrienden mee op het platform krijgt.
Is het dan een toeval dat de bedrijven kiezen voor een leeftijdsgrens die niet hoger is dan 13 jaar? Neen, dat is geen toeval. Dat is “good for business”.
Samen verdienden de sociale media giganten 11 miljard US dollar in 2022, aan minderjarigen in de Verenigde Staten alleen, en kinderen onder de 12 waren goed voor bijna een vijfde van dit totaal.
Erg goed voor business dus, maar is het ook goed voor tieners? Terwijl private bedrijven deze woekerwinsten kunnen binnenhalen, worden de kosten die ze veroorzaken op de maatschappij verhaald: financiële kosten van extra psychologische ondersteuning, van mediawijsheid budgetten, en van parentale burnout.
Want wie anders betaalt de extra kosten van de stijgende gezondheidszorgvraag van lijdende jongeren? En dan spreken we niet eens van de kosten die niet in centen uit te drukken zijn: worstelende gezinnen, verloren kindertijd, een gehypothekeerde toekomst.
Ondertussen, zolang de wetgeving niet bestaat en handhaving wordt vertraagd of omzeild, wordt de verantwoordelijkheid om de dijken niet te breken bij ouders, leerkrachten en opvoeders gelegd.
Meer mediawijsheid en meer gesprekken. Maar we doen dit al. Ouders signaleren massaal dat dit niet voldoende is.
Niet omdat we niet willen, maar omdat we structureel weerloos zijn.
Ouderlijk toezicht is versnipperd, complex en vaak onmogelijk.
Schoollaptops zijn ongefilterde speeldozen.
De smartphone is klein en verdwijnt continu en overal.
De wifi thuis kan vaak niet gefinetuned worden, zelfs IT experten vinden het moeilijk
En vanaf 13 beslist het kind zelf of ouderlijk toezicht mag blijven.
Dat is opvoeden alsof je je kind leert autorijden
in een auto zonder remmen,
op glad ijs, en met je handen op de rug gebonden.
Zijn we dan verbaasd dat gezinnen vastlopen?
Daarom zien we vandaag een internationale tegenbeweging.
In het Verenigd Koninkrijk, Nederland, Frankrijk — en ook hier.
Honderden duizenden ouders in de hele wereld kiezen ervoor om de smartphone uit te stellen tot minstens 14 jaar, en sociale media tot 16.
Niet om technologie tegen te houden.
Maar om winstbejag ten koste van kindertijd te begrenzen.
Dit is exact wat de leiders van de techbedrijven zelf doen.
Hun kinderen weghouden van hun eigen platforms.
Beste parlementsleden,
Ons pleidooi is eenvoudig.
Het actieplan Veilig Online is een begin, maar niet voldoende.
Ik zou jullie willen vragen om over twee dingen na te denken.
Geloven we werkelijk dat de gigantische sociale mediaplatformen, en gaming platformen van deze wereld het beste met onze kinderen voor hebben, betrouwbare partners zijn en een veilig product gaan ontwikkelen, goed wetende dat ze ons al jaren een rad voor de ogen draaien?
En terwijl we wachten op krachtdadige actie van deze bedrijven, laten we intussen nog een tienergeneratie voorbijgaan?
Of zetten we daad bij de woorden van minister Van Achter: zolang het product niet veilig is, mag het niet op onze markt?
Wat wij vragen is niet extreem, is niet harteloos.
Als samenleving moeten we onze jeugd structureel beschermen, met hogere leeftijdsgrenzen, kind-veilige technologie, en échte leeftijdsverificatie voor verslavend design apps en games, porno, en online gokwebsites.
Wij stellen nu zelf een nieuwe norm als grassroots ouderbeweging, we praten met elkaar, verbinden en geven elkaar moed om niet die enige rare ouder te moeten zijn die zegt tegen je kind: wacht nog maar een paar jaar met die smartphone. Om ervoor te zorgen dat een kind geen verslaving ontwikkelt, en de kans krijgt om cognitief en emotioneel weerbaar te worden in een digitale wereld.
Wat we doen is wat een ouder moet doen: liefdevolle grenzen stellen. Nee zeggen is een vorm van liefde geven. Onze kinderen weer kinderen laten zijn.
Nu is een eerlijk signaal van de overheid nodig, om hetzelfde voor alle kinderen te kunnen doen.